Onderwijs in coronatijd: oud-leerlingen

Terug naar overzicht

Onderwijs in coronatijd: oud-leerlingen

 

 

Ellyn De Rho

Ellyn De Rho

 

Ik ben Ellyn De Rho en ben in juni afgestudeerd op Leiepoort campus Sint-Hendrik. Ik zit nu in mijn eerste bachelor logopedie aan de Arteveldehogeschool in Gent.

In de week van 14 september was er een eerste onthaalmoment de campus van de hogeschool. Die week was een cruciaal moment om mijn klasgenoten, docenten en de campus te leren kennen. Op die manier kon ik toch in de eerste maand van mijn academiejaar al wat vriendschappen sluiten. Op dat moment konden alle hoorcolleges, werkcolleges en practica nog doorgaan op de campus zelf, maar uiteraard wel met mondmasker en met telkens een lege plaats tussen mezelf en mijn buur in de aula’s en klaslokalen. In de tweede week van oktober kwam daar verandering in. Stilaan werden meer hoorcolleges online gegeven, enkel practica gingen nog door op de campus.

Tegen eind oktober verliepen alle lessen online, ook de practica. Het was echt niet evident om het allemaal te volgen, want naast online les volgen kwamen er ook nog online opnames bij die je tegen een bepaalde dag bekeken moest hebben. Per week ging het gemiddeld over zo’n acht uur aan ingesproken opnames van diverse vakken. Daarnaast had ik in een week gemiddeld veertien uur online les. Elke dag zat ik dus van ’s morgens tot laat in de avond aan mijn computer gekluisterd om alles tijdig af te krijgen en te volgen. Een goede planning maken in deze tijden was en is dus zeker een must. Aan de hogeschool houden ze je bij wijze van spreken niet meer vast aan je handje en moet je zelf alles goed bijhouden, want voor je het weet, zie je zaken over het hoofd. De twee laatste weken van oktober waren daarom wel zwaar, aangezien ik bijna het huis niet meer verliet en mijn computer mijn enige ‘contact’ van de dag was.

Op 9 november hadden we een examen anatomie en fysiologie moeten afleggen, maar door de verstrengde maatregelen werd het examen niet één, maar twee keer uitgesteld. Zo zie je maar dat je in de huidige toestand alles kan verwachten en dat je je telkens op het ergste moet voorbereiden. Het was dus niet altijd even gemakkelijk om steeds positief te blijven wanneer je maanden aan een stuk geen vrienden of klasgenoten kan zien en alleen maar weet en voelt dat je veel werk hebt.

Vanaf 1 december werden practica terug mogelijk op de campus, daar was ik dankbaar voor want zo kon ik weer mijn klasgenoten een aantal uur per week eens zien en kon ik nog eens buiten komen. De laatste maanden zijn zeker niet altijd even gemakkelijk geweest. Er komt veel werk, veel planningsvaardigheden en zeker een positieve ingesteldheid bij kijken.

Met een bescheiden verlangen kijk ik ernaar uit om hopelijk na mijn examenperiode in januari weer ‘normaal’ naar school te kunnen gaan.

 

Ellyn De Rho

 

Sam Dhaene

Sam Dhaene

 

Hallo iedereen, ik ben Sam Dhaene en ik zit in mijn eerste jaar geneeskunde aan de Universiteit van Gent. Net zoals alle andere studenten ben ik het academiejaar 2020-2021 gestart in volle coronapandemie. UGent opende haar deuren op 21 september in code oranje. Dit betekende concreet dat er een bezetting van één op vijf toegestaan was in de aula. Het kwam er dus op neer dat we maar éénmaal per week fysiek aanwezig konden zijn op de campus en de rest van de lessen van thuis uit moesten volgen. Om de eerstejaarsstudenten toch wat sociaal contact te bieden in hun eerste maanden in het hoger onderwijs, voorzag de Faculteit Geneeskunde de mogelijkheid om de lessen te volgen vanuit de Ghelamco Arena. Dit ook via de livestream, maar in kleine groepjes van vier studenten. De skillslabs en practica gingen wel nog door op de campus van het UZ zelf.

Sinds de nieuwe lockdown is het hoger onderwijs overgeschakeld naar code rood en is de dynamiek helemaal veranderd. Alle lessen gaan online door via Zoom of livestream. In het begin vond ik het wel gemakkelijker om de lessen van thuis uit te volgen, maar na een aantal weken hoopte ik toch dat we snel weer naar Gent zouden mogen. Ook de muziekschool en de atletiekpiste waren gesloten in Deinze, waardoor er weinig afwisseling was in de dagen. Gelukkig organiseerde de Vlaamse Geneeskundige Kring elke week een online spelavond. Hierdoor konden we toch andere studenten leren kennen op een ontspannen manier, zij het via de computer. Nu komen de examens er bijna aan en heb ik natuurlijk wel voldoende om mij mee bezig te houden. We hebben massa’s leerstof te verwerken, maar de materie is wel boeiend. Hopelijk wordt de gezondheidssituatie gedurende het tweede semester weer beter en kunnen we er ondanks alles toch een mooi academiejaar van maken!

 

Sam Dhaene

 

Luna De Muer

Luna De Muer

 

Hallo Sint-Hendrikertjes! Ik ben Luna De Muer en ben dit jaar gestart aan mijn eerste jaar hoger onderwijs. In de komende minuten neem ik jou mee in hoe ik mijn start aan de universiteit/hogeschool heb ervaren. Ik kan je alvast meedelen dat het tot nu toe al een rollercoaster aan van alles en nog wat is geweest, maar goed: ik neem jullie mee!

Na drie weekjes extra te kunnen luilekkeren, keek ik - met wat gezonde stress - best uit naar dit nieuwe hoofdstuk in mijn leven. 21 september: daar startte de eerste pagina van dit nieuwe hoofdstuk. Dat dit hoofdstuk later nog een onverwachte wending ging krijgen, had ik niet verwacht, maar bon. Ik ging ook onmiddellijk al op kot, dus het hele gebeuren was eigenlijk nieuw voor mij. In het middelbaar deed ik altijd heel graag talen en ik was er eigenlijk ook altijd goed in. I was in love with the English language et je trouvais aussi que la langue française sonnait très bien.

Met die liefde voor taal startte ik dus het academiejaar in de opleiding toegepaste taalkunde aan de UGent met de talencombinatie Engels, Frans en Nederlands. Mijn eerste lesdag begon alvast schitterend, euheum. Ik had ruim op voorhand mijn wekker gezet en stond dan ook heel netjes op om dat tijdstip. Ik ging ook ruim op tijd naar de tramhalte en toen begon het: de tram die ik moest nemen, reed uitgezonderd niet. Ik sprong dan maar op een andere tram, waarvan ik wist dat deze ook mijn campus passeerde, maar waarvan ik niet wist dat deze er veel langer overdeed. Resultaat: ik kwam al te laat op mijn eerste les. En ik kan je vertellen: neen, ik had geen geluk. Bij toegepaste taalkunde volg je geen les in grote aula’s, maar in een groep van ongeveer 25 studenten. Dus ja, mijn eerste indruk was al gemaakt, terwijl ik normaal net diegene ben die nooit te laat komt (en dat meen ik echt). Misschien was het wel een voorbode voor wat ging komen. Ik volgde de lessen, ging na de lessen steeds terug naar mijn kot en begon te studeren. We kregen namelijk al vanaf dag 1 een behoorlijk studiepakketje mee, dus ik wou op veilig spelen en begon er dan ook maar direct mee.

De dagen gingen voorbij, maar ik bleef precies wat op m’n honger zitten. Er was precies iets dat ontbrak, dat aha-momentje waarop je voelt van ‘dit is het’. Ja, ik wou talen studeren en ja, ik wou die perfect kunnen beheersen, maar algauw merkte ik dat deze opleiding enorm ‘taaltechnisch’ was. Het kleinste detail wordt verteld en zinsontleding krijg je in overvloed. Ik wist dat een universitaire richting heel theoretisch ging zijn, maar ik had dit niet op dit vlak verwacht. Ik miste wat raakpunten met het dagelijks leven, met de actualiteit, met cultuur en misschien ook een heel klein beetje literatuur. Ja hoor, ik had toch een beetje meer Shakespeare verwacht zoals in meneer Van Mieghems lessen of gehoopt op wat War Poetry, zoals in de lessen van meneer Schatteman. Ook Émile Zola, zoals de zesdejaars later dit schooljaar nog zullen zien bij mevrouw Verougstraete, liet op zich wachten.

Plots begon ik te panikeren. Lag het misschien aan het feit dat ik veel onlinelessen had of had ik verkeerd gekozen? Ik had het gevoel dat het dat laatste was, maar hoe kon dat nou in hemelsnaam mogelijk zijn? Ik had me echt goed geïnformeerd, bij verschillende bronnen en al ruim tevoren. Daarop vroeg ik aan een masterstudente of dit gedurende de hele opleiding zo ging blijven en zij antwoordde daarin bevestigend. Ik werd erg onzeker en werd overvallen door heel wat stress. Lag het nu aan mij dat de richting me niet lag, had ik verkeerd gekozen doordat er geen infodagen op de campus waren? Na vier weken koos ik er uiteindelijk voor om het roer om te gooien.

Ik had dus verkeerd gekozen. Veel tijd om te piekeren hierover had ik niet. Ik moest gewoon zo snel mogelijk in de juiste richting terecht komen. Na een gesprek met een studiekeuzebegeleidster en het erbij halen van de studierichtingen waar ik daarvoor ook al over twijfelde, kwam ik uit bij de educatieve bachelor lager onderwijs aan de Arteveldehogeschool. Ik ging langs bij de opleiding en vroeg er om ruime uitleg. Ook legde ik mijn oor te luisteren bij een pas afgestuurde student uit de opleiding. Een tweede keer verkeerd kiezen: neen, dank u.

Ik hakte de knoop door en ongeveer vier weken na mijn valse start, stond ik er dan, voor de ingang van mijn nieuwe campus. Ik werd heel vriendelijk verwelkomd, door zowel de docenten als mijn medestudenten. Bij de lessen voelde ik direct meer contact met de realiteit en merkte ik ook dat hetgeen ik leerde, ook veel meer onmiddellijk bruikbaar ging zijn in de praktijk. Ik voelde dat het goed zat. Oef!

Toch was het niet simpel, ik moest vier weken leerstof inhalen én daarbij nog de huidige lessen op dat moment meevolgen én taken indienen én het hoofd koel houden. Veel mensen denken dat studeren voor leerkracht lager onderwijs inhoudt dat je enkel datgene moet kennen wat de kinderen moeten kennen, maar - voor eens en voor altijd: dat is het niet. Hetgeen je leert, is heel uitgediept, veel breder en je krijgt werkelijk van alles wat: pedagogie, ontwikkelingspsychologie, didactiek en de specifieke inhoudelijke vakken.

Daarbij moest ik me ook nog voorbereiden op de atelierdagen. Dit zijn dagen waarop je één dag per week al eens mag gaan meevolgen op een basisschool en af en toe al eens een lesje mag geven. Toegegeven: dit zijn wel de dagen waar ik het meest naar uitkijk. Ik mag in het 4de leerjaar meevolgen en die kindjes zijn soms echt wel ‘schatjes van patatjes’ hoor! Hoe ze heel stiekem naar je lachen of wanneer je hun oogjes ziet fonkelen, zou ik wel eens durven smelten.

Binnenkort staan de examens voor de deur. Ik heb dus best al wat stress. Ik ben namelijk lang bezig geweest met inhalen, waardoor ik geen tijd vond om al echt de leerstof te gaan instuderen. Ook het feit dat corona ervoor zorgde dat we uiteindelijk fulltime zijn overgeschakeld naar code rood, maakte het soms moeilijk. Ik miste (en mis nog steeds) het sociale contact, eens kunnen uitgaan … Op dit moment word ik volledig opgeslorpt door school, net doordat er gewoonweg niets anders te doen is. Soms verlies ik hierdoor weleens de moed, maar ik weet dat ik niet alleen ben en dát maakt het verschil. Ik ben bezig aan mijn toekomst en ‘juf Luna’ is in de maak. Mijn liefde voor taal zal ik stiekem toch altijd blijven koesteren. Mijn start aan het hoger onderwijs verliep dan wel niet van een leien dakje, maar misschien was het toch meant to be dat ik juf zou worden. Volgens mijn 10-jarige ‘ik’ uit mijn vriendenboekje althans wel.

 

Luna De Muer

 

Luna De Muer

 

Laura De Zutter

Laura De Zutter

 

In september 2020 ben ik begonnen aan de opleiding rechten aan de Universiteit Gent. Wat normaal gesproken de start zou moeten zijn van een periode vol zelfstandigheid en vrijheid, is nu een periode van onzekerheid en eenzaamheid. Toen België op 13 maart in lockdown ging, zag ik in dat de coronacrisis niet binnen het jaar opgelost zou raken. In zekere zin was ik dus voorbereid op de teleurstelling dat de start aan het hoger onderwijs niet zou verlopen zoals gehoopt.

Het academiejaar startte met redelijk wat onzekerheid. Er werd veel gespeculeerd over eventuele maatregelen of groepsindelingen op onder andere de ontmoetingsdag, die ondanks de huidige situatie toch werd georganiseerd. Uiteindelijk werden de richtlijnen slechts enkele dagen voor aanvang van de eerste lessen meegedeeld. In mijn richting was de mogelijkheid om de les fysiek bij te wonen bijzonder klein, omdat er heel veel studenten zijn en slechts een vijfde tegelijkertijd on campus aanwezig mocht zijn. De rechtenstudenten werden alfabetisch ingedeeld in zes groepen. Daardoor konden we - met een doorschuifsysteem - toch af en toe de les gaan. Elke week konden vijf van de zes groepen een dag per week naar de les. De volgende week schoof elke groep een dag op, waardoor een andere groep dan niet naar de campus kon. Het was echter niet verplicht om naar de les te gaan, wat ik vooral merkte toen de besmettingen opnieuw stegen. Enkele studenten zagen het niet zitten het risico te lopen om besmet te worden. Het was even goed mogelijk om elke les online mee te kijken. Ikzelf greep elke mogelijkheid om fysiek naar de les te gaan om toch dat beetje sociaal contact te hebben. In totaal ben ik dan ook vijf keer naar de les kunnen gaan.

Naast het hebben van beperkt sociaal contact werkt het vooruitzicht dat er een moment zal komen waarop meer toegelaten zal worden, om positief te blijven. Ik bereid me dan ook voor op dat moment door nu zo veel mogelijk inzet te tonen, zodat ik uitermate kan genieten van het (studenten)leven als de coronaperiode voorbij is. Daarnaast probeer ik aan zo veel mogelijk initiatieven, die worden georganiseerd om ons uit het sociaal isolement te halen, deel te nemen. Er worden genoeg kansen aangeboden om de sleur te doorbreken. Het is echter aan de student zelf om de kansen met beide handen te grijpen. Om toch nieuwe mensen te leren kennen heb ik me bijvoorbeeld bij een studentenvereniging aangesloten, wat ik in normale omstandigheden niet zou hebben gedaan. Hierdoor heb ik kunnen deelnemen aan een quiz via Zoom, een online wedstrijd en enkele studeersessies. Ook probeer ik mijn studeerplek zo gezellig mogelijk in te richten, zodat ik toch omringd ben door een aangename sfeer.

Toch heb ik het tijdens deze periode op bepaalde momenten ook enorm moeilijk gehad, vooral bij het besef dat een van de mooiste jaren in het leven aan mij en aan de rest van mijn leeftijdsgenoten voorbijging. Ondanks het feit dat er toch een soort proclamatie was, heb ik niet het gevoel dat het middelbaar helemaal is afgesloten. Daardoor is het soms moeilijk om verder te gaan en de hele situatie te accepteren. Ook het slechte nieuws dat studenten niet naar de les zullen mogen tot midden maart, sloeg bij mij in als een bom. Ik had zo veel hoop nadat ik hoorde dat het vaccin al zo ‘vroeg’ zou kunnen toegediend worden. Nu wordt die hoop ingeruild voor enorm verdriet en opnieuw uitzichtloosheid. En ja, als ik eerlijk ben, heb ik de hele namiddag gehuild. Net als waarschijnlijk veel andere studenten. Met de examens die er zitten aan te komen, is het allesbehalve makkelijk om dat nieuws te ontvangen. Mijn motivatie kreeg een flinke deuk. Het voelt alsof ik als sinds het begin van oktober in de blokperiode zit. Elke dag ziet er exact hetzelfde uit. Wat een levensfase zou moeten zijn vol spanning, avontuur en nieuwe contacten maken, is een periode van eentonigheid, eenzaamheid en uitzichtloosheid. Met die gedachten zit momenteel bijna elke student. Dat merk ik aan de verschillende berichten die ik op Facebook zie verschijnen. Ergens doet het wel deugd om te lezen dat anderen in hetzelfde schuitje zitten. Nu zullen enkele dagen die negatieve gedachten door mijn hoofd spoken, maar die zullen na een tijdje weer opgeborgen worden. Zo kan ik er weer volop tegenaan gaan, hopelijk zonder nog een keer teleurgesteld te worden.

Ik probeer wel los te breken uit die gedachtegang door te focussen op de positieve aspecten die het coronavirus met zich meebrengt. Aan het hele onderwijssysteem, dat voorlopig wordt toegepast, zijn er ook voordelen verbonden. De meeste professoren doen, tegen al mijn verwachtingen in, echt hun best om het voor ons zo aangenaam mogelijk te maken. Door het toevoegen van allerlei tools aan hun presentatie, onder andere filmpjes of vraagjes, wordt het een stuk aangenamer en makkelijker om online les te volgen. Ook organiseren enkele professoren extra vragensessies, wat in vorige jaren nooit gedaan werd. Hetzelfde geldt voor de lesopnames, die voordien nooit het hele academiejaar ter beschikking werden gesteld. Mijn professoren houden dus wel degelijk rekening met het welzijn van hun studenten. Spijtig genoeg geldt dat niet voor iedere prof en waarschijnlijk niet voor elke richting. Er wordt soms ook misbruik gemaakt van de mogelijkheid om les te geven via lesopnames. Voor bepaalde vakken wordt dubbel zo lang lesgegeven als in normale omstandigheden. Indien de les via Zoom doorgaat is dit niet mogelijk, maar als het om een lesopname gaat, kan de prof zo lang doordoen als hij zelf wil.

Al bij al is het voor iedereen een lastige periode, waardoor het belangrijk blijft om het voor elkaar zo aangenaam mogelijk te maken. Gewoon al eens vragen hoe het met iemand gaat, kan een wereld van verschil maken. Ondanks de ingevoerde maatregelen, die soms voor heel wat teleurstelling kunnen zorgen, probeer ik de periode te zien als een opportuniteit om er later beter uit te komen. Volgens mij kan de hele situatie voor positieve veranderingen en nieuwe inzichten zorgen. Het is dan aan eenieder van ons om er gebruik van te maken.

 

Laura De Zutter

 

Laura De Zutter

 

Terug naar boven

Terug naar overzicht