• Current
free joomla slider

In fysica gebruiken we de natuur als studieobject.  We nemen in het dagelijks leven continu natuurkundig verschijnselen waar.  We verzamelen gegevens over deze verschijnselen  en proberen hieruit een besluit te trekken. Waarom val je bijvoorbeeld naar beneden als je uit een vliegtuig springt?  Vaak moet, vooraleer we een besluit kunnen trekken, de waarneming door een proefneming aangevuld worden.  Kunnen we bijvoorbeeld de snelheid van een vallend voorwerp beïnvloeden door de luchtweerstand?  Proeven kunnen uitgevoerd worden door de leerkracht, maar je zal ook zelf aan de slag moeten gaan tijdens practica. Dit zijn momenten om wetenschappelijke theorieën te verduidelijken of zelf af te leiden. Het spreekt vanzelf dat je hierdoor een goed inzicht zal krijgen in de wijze waarop de natuur zich gedraagt en hopelijk ga je het vak fysica hierdoor ook boeiend en fascinerend vinden.

3e jaar

In het 3de jaar gaan we een groot deel van de tijd aan de slag met licht. Je zal zelf proefondervindelijk moeten zoeken wat er met het licht gebeurt als het op een spiegel, een lens, een bakje water, een prisma… terechtkomt. Het tweede belangrijk onderwerp handelt over snelheid en beweging. In het derde jaar staat ook de studie van de krachten op het programma. Je maakt kennis met de zwaartekracht en de veerkracht. We sluiten af met een onderzoek van de materie waarbij we vooral de studie van massadichtheid en temperatuur nader bekijken.

4e jaar

In het 4de jaar leer je de betekenis van arbeid en vermogen, want in de fysica heeft arbeid niet de betekenis van geld verdienen of hard werken.  Verschillende energievormen komen ook aan bod.  Als er in het jaar 2050 geen fossiele brandstoffen meer beschikbaar zijn, welke andere energiebronnen zullen we dan aanspreken?  Met de duikfysica plonzen we dan in de wonderbaarlijke wereld van de diepzee: we maken kennis met begrippen als hydrostatische druk, atmosferische druk en de gaswetten . Duiken is niet zonder gevaar! Met het hoofdstuk over de warmteleer sluiten we het 4de jaar heel hartverwarmend af!

5e jaar

In het vijfde jaar behandelen we 3 grote thema's: elektriciteit, magnetisme en kernfysica.

De eerste weken onderzoeken we aan de hand van proefjes wat elektrische lading precies is. Als we dit onder de knie hebben gaan we op zoek naar wiskundige methodes en formules die het gedrag van deze elektrische ladingen beschrijven.  

Daarna maken we de overgang van het begrip " elektrische lading" naar het begrip "elektriciteit". We leren, door een combinatie van practica en proefjes, wat elektrische stroom en spanning precies zijn. Daarna bestuderen we enkele dagdagelijkse toepassingen van elektrictiteit, gaande van een waterkoker tot een zekeringenkast.

Het tweede deel start met enkele experimenten met magneetjes. We leren hoe we met elektrische stroom zelf magneten kunnen maken, vervolgens zoeken we uit hoe we het omgekeerde kunnen doen: elektrische stroom maken met behulp van magneten. De leerstof wordt hier weer aangebracht met veel demonstratieproeven. Na het experimentele werk onderzoeken we ook hoe we de magnetische verschijnselen wiskundig kunnen modelleren. 

In het derde deel, de kernfysica, gaan we naar de diepste geheimen van de materie: de atomen en atoomkernen. We leren waaruit atomen bestaan en leggen uit hoe kernenergie wordt opgewekt. De welbekende formule van Einstein  E = mc2 wordt hier duidelijk! Ook de maatschappelijke problemen in verband met de kernenergie worden niet uit de weg gegaan.

6e jaar

In het zesde jaar maken we in het vak fysica kennis met de wondere wereld van de mechanica of bewegingsleer.

In een eerste deel bestuderen we de kinematica. Dit is de wiskundige benadering van bewegingen: de eenparige rechtlijnige beweging, de versnelde en vertraagde bewegingen, de vrije val, de verticale en horizontale worp en tenslotte de eenparige cirkelbeweging. 

De studie hiervan is experimenteel. In het eerste semester zijn er een aantal practica: eenparig rechtlijnige beweging, eenparig versnelde beweging, vrije valbeweging, de studie van de horizontale worp. Als er nog tijd is, gaan we werkelijk de remafstand van een fiets meten en het verband met de beginsnelheid onderzoeken. 

De practica dienen vooral om onderzoekscompetenties aan te leren. De onderzoeksopdrachten worden in groepjes van maximaal drie leerlingen uitgevoerd. Er wordt veel belang gehecht aan een degelijke verslaggeving. De verslagen worden gemaakt in WORD en EXCEL.

In een tweede deel staat de dynamica of krachtenleer op het programma. Drie eenvoudige wetten van Newton worden aangebracht en uitgebreid geïllustreerd. Iets moeilijker wordt het wanneer de drie wetten tezelfdertijd toegepast worden. De wetten van Newton uit de 17de eeuw maken het ons nu mogelijk om te reizen in de ruimte. Er wordt bestudeerd hoe de beweging van de zon en de planeten aan die eenvoudige maar geniale wetten gehoorzamen. We geven ook antwoord op vragen als: wat is gewichtloosheid; een appel valt, de maan ook, maar waarom valt de maan niet op ons hoofd; welke snelheid moet een satelliet hebben om in een baan om de aarde te blijven?

Een derde en laatste deel gaat over harmonische beweging. Enkele harmonische bewegingen worden gedemonstreerd. Voor een goed begrip kunnen we niet zonder een wiskundige beschrijving van deze harmonische beweging. Als voornaamste toepassing behandelen we de geluidsleer met o.a. waarom en hoe we ons moeten beschermen tegen overmatige geluidsniveaus.

In de loop van het tweede semester werken de leerlingen aan een open onderzoeksopdracht. Het onderwerp wordt bij voorkeur door de leerlingen zelf gekozen. Hier moet voldaan worden aan een eindterm: geheel zelfstandig een wetenschappelijke onderzoeksopdracht kunnen uitvoeren.

Een anderstalige wereld openen

Hoewel Engels tegenwoordig dé wereldtaal bij uitstek is, volstaat het helemaal niet om maar één vreemde taal te beheersen. Een grondige kennis van het Frans is en blijft een absolute must.

Waarom dan?

  • Vooreerst is de eentaligheid van Franstaligen al even legendarisch als de eentaligheid van Britten en Amerikanen. In België mogen er dan nog uitzonderingen rondlopen, van het moment dat je de grens oversteekt, is je Nederlands vrijwel overal onbruikbaar. Frans is dus van gigantisch belang als je met Franstaligen wil communiceren.

  • Als je vlot Frans spreekt, vergroot je je kansen op de arbeidsmarkt: Wallonië en Frankrijk zijn de belangrijkste handelspartners van Vlaanderen en dus hebben werknemers die vlot Frans spreken sowieso een streepje voor op de anderen.

  • Het Frans telt wereldwijd zo'n 75 miljoen moedertaalsprekers en in totaal wordt het Frans ook nog eens door 125 miljoen mensen als tweede of derde taal gesproken. Het spreekt voor zich dat heel wat internationale communicatie dan ook in het Frans gebeurt.

  •  Frans is na Engels en Duits de derde taal op het internet, nog vóór Spaans en Chinees. Informatie die niet beschikbaar is in het Nederlands of Engels, vind je geregeld wél in het Frans.

  • Zo'n 20% van de Vlamingen gaat naar Frankrijk op reis. Als je vlot Frans spreekt, is het veel plezieriger om Frankrijk te bezoeken en wordt het makkelijker om de Franse cultuur en mentaliteit te begrijpen.

  • Frans leren is absoluut niet moeilijk, maar je moet oog hebben voor detail. Het is immers een taal waarin je je precies moet uitdrukken.

  • Frans kan je ook gebruiken als opstapje naar andere (Romaanse) talen, zoals het Spaans, dat tegenwoordig erg "in" is. Hoe beter je Frans kent, hoe sneller je Spaans onder de knie krijgt. De gelijkenissen zijn immers enorm.

Wat mag je verwachten van de lessen Frans?

In de eerste drie jaar is het vooral de bedoeling dat er een stevige basis gelegd wordt. Alles wat je in het vijfde en zesde leerjaar gezien hebt, wordt herhaald. Je krijgt een pak nieuwe woordenschat en spraakkunst, zodat je een basiskennis hebt waar je altijd op kan terugvallen.

 

In de lessen leer je heel veel praktische dingen. Je leert wat je moet zeggen in dagelijkse situaties (jezelf voorstellen, vragen hoe laat het is, een hapje of een drankje te bestellen…) Door die speelse korte gesprekjes die je met je klasgenoten voert, breid je automatisch je woordenschat uit en verbeter je je uitspraak.

 

Je krijgt ook tips om de taal beter te studeren (tweetalige woordenlijsten altijd in twee kolommen, veel schrijven tijdens het studeren…) en je wordt geoefend op het verstaan van gesproken en geschreven Frans. Je krijgt heel wat luisteroefeningen te horen en ook de lessen verlopen volledig in het Frans, zodat je in een echt taalbad ondergedompeld wordt.

 

Vaak vinden leerlingen het moeilijk om hun vragen in het Frans te stellen, maar onze ervaring leert dat wie in de les veel Frans durft te spreken, heel snel vooruitgaat. Wees niet bang om fouten te maken: durven is de boodschap!

 

Vanaf het vierde jaar schakelen we een versnelling hoger: je leert discussies voeren in het Frans, waarbij je zo genuanceerd mogelijk je mening moet geven, je leert op een vlotte en aangename manier PowerPointpresentaties geven. Ook de schrijfopdrachten worden langer en ingewikkelder, waarbij de logische opbouw van de verhandeling van kapitaal belang is.

 

In het vijfde en het zesde pluk je de vruchten van alle energie die je in het beheersen van de taal van Molière hebt gestoken. Je maakt kennis met de Franse literatuur en cultuur, maar daarnaast wordt ook de actualiteit op de voet gevolgd in de Franstalige media.

 

Een taal leren is meer dan woordenschat en grammatica alleen. Een anderstalige wereld gaat in de les voor jou open. We laten je proeven van de Franse cultuur, muziek, cinema, literatuur, … Communicatie staat centraal want het is de bedoeling dat je met je bagage Frans op weg kan!

Engels: een wereldtaal

Een grondige kennis van het Engels is vandaag onontbeerlijk, niet alleen voor verdere studie maar ook om de wereld te kunnen begrijpen en er volop te kunnen in functioneren. Welke richting je ook volgt, het vak Engels probeert altijd een gezonde mix te bereiken van taalvaardigheid - via allerhande oefeningen en opdrachten met grammaticale en culturele kennis en inzicht. Je maakt ook kennis met een van de rijkste literaturen ter wereld. 

Daarbij streven de leerkrachten naar een kritische integratie van de nieuwe communicatiemedia in het vak Engels. Door de grote rol van het Engels in de recente technologische evolutie (internet, e-mail …) proberen we ook vaak het gebruik van computers en internet te integreren in de lessen. Dit gebeurt tevens tijdens de lessen Engelse expressie, waarin leerlingen uit enkele richtingen hun taalcreativiteit kwijt kunnen; via presentaties, gerichte opdrachten en projecten proberen we de taalvaardigheid en de communicatiebereidheid van de leerlingen te stimuleren. 

We laten leerlingen ook proeven van Engelstalige cultuur. Al van in het tweede leerjaar krijgen de leerlingen jaarlijks  een Engelstalige toneelvoorstelling door native speakers, ofwel op school, ofwel in een cultureel centrum in de buurt. In het vierde jaar steken we zelfs het kanaal over om een bezoek te brengen aan Londen, hoofdstad van het Verenigd Koninkrijk.

Aardrijkskunde stelt jongeren in staat om op een methodische wijze betrouwbare feitelijke kennis te verwerven. Leerlingen stellen hun denkbeelden bij door ze te confronteren met denkbeelden van anderen en door samen te argumenteren. Door het inzetten van ruimtelijke concepten leren leerlingen een fysische werkelijkheid te vatten. Aardrijkskundige vorming ontwikkelt bij leerlingen het ruimtelijk denken en handelen onder meer in verband met maatschappelijke vraagstukken.

Via aardrijkskunde komen leerlingen ook in contact met duurzaamheid en ecologie. Op die manier kunnen ze ten volle deelnemen aan een technologisch wetenschappelijk gefundeerde maatschappij en zich aan de evolutie en verandering ervan aanpassen.

Aardrijkskunde is een synthesevak dat door de ruimtelijke component linken legt tussen verschillende vakken. Verschillende aspecten van natuurwetenschappen, techniek, wiskunde, economie en de samenleving komen er aan bod. Leerlingen krijgen inzicht in wetenschappelijke aspecten van duurzaamheid, veranderend ruimtegebruik en de samenwerking tussen verschillende STEM-disciplines.

Het wonder van het leven, van de allereenvoudigste amoebe tot het complexe genie van de mens; daarover gaat biologie.

Reeds in de eerste graad in het vak NATUURWETENSCHAPPEN wordt duidelijk gemaakt wat nu het onderscheid is tussen levende en dode materie. Dat je voor de opbouw van een levend organisme niet-levende bouwstoffen nodig hebt is duidelijk,  maar dat die dode stoffen plots tot leven komen in een worm, een vogel of een konijn, dat is toch wel een wonder. 

Vanaf het derde jaar wordt BIOLOGIE een apart vak en daar leer je hoe je als mens ontvankelijk bent voor prikkels en signalen in je omgeving. Hoe je daarop reageert, hoe je daardoor gaat bewegen en hoe hormonen en het zenuwstelsel dat alles controleren.

In het vierde jaar trek je op terreinstudie en leer je orde te scheppen in de diversiteit aan levensvormen. Alle levende organismen worden keurig in hun rijk geclassificeerd. Maar op een terrein, binnen een biotoop ontstaan allerlei interacties en relaties tussen de verschillende organismen onderling en hun milieu. Het evenwicht binnen en de duurzame zorg voor het milieu en een bestaand ecosysteem krijgen ruime aandacht.

In het vijfde jaar hanteer je de microscoop om tot een beeld te komen van de eenvoud en complexiteit van de bouwsteen van alle leven: de cel. Het plaatje is compleet als je daarna inziet dat alles samenkomt in weefsels, organen en verschillende stelsels waardoor wij als mens kunnen functioneren en op een gepaste manier aan stofwisseling kunnen doen.

In het zesde jaar krijgen de “grote” onderwerpen zoals voortplanting, erfelijkheid en biotechnologie, maar ook de evolutie de nodige aandacht. Onderwerpen die duidelijk maken dat de mens steeds meer zelf “aan het wonder van het leven” wil en kan sleutelen.

Vanaf het eerste tot het zesde jaar worden duidelijke didactische principes gehanteerd, eigen aan de natuurwetenschappelijke methode. Via experimenten worden vaardigheden en attitudes van de leerling-onderzoeker aangescherpt. Verwondering en vraagstelling, hypothese en theorie vormen de ingrediënten van een duidelijke leerlijn, waarbij de leerling groeit in zelfstandigheid en zelfevaluatie. Simulaties, animaties en interactieve oefeningen, digitale presentaties en uniek beeldmateriaal verduidelijken de soms ingewikkelde levensprocessen. De relevantie van de biologie wordt verduidelijkt met voorbeelden uit de leefwereld van de leerling of contextuele teksten. De link tussen de leerstof en de evolutie van ons milieu, onze technologische mogelijkheden, ons dagelijks leven krijgt in een aantal uitgediepte biosociale thema’s een actuele invulling.

Samen met de andere wetenschapsvakken kan biologie iedere leerling boeien en vormt het vak een ideale opstap naar verdere studies in wetenschappelijke, medische of paramedische richtingen.

Amoebe

Van alle dieren
de gelede, de potige,
de insecten, de mieren - 
heb ik het liefst
de vormeloze
de weke - 
eencellig,
oneindig,
veelvormig.

Eenvoud in hun liefde
die wiskunde lijkt: 
delen door twee
is gelijk aan voortplanten,
is vermenigvuldigen.
Zo wil ik ook wel wiskunde.
Zo wil ik ook
de liefde.

L. De Block

Chemie kleurt je studie en je leven!

IJzer roest als het niet gebruikt wordt, stilstaand water verliest zijn zuiverheid en bevriest als het koud wordt; zo ondermijnt inactiviteit de kracht van de geest.

Leonardo da Vinci (1452-1519)

Italiaans schilder en natuuronderzoeker

 

Da Vinci, als chemicus stond hij niet echt bekend. Chemie zoals wij die nu kennen, bestond toen nog niet. De kwam pas echt van de grond in de 18e eeuw met mensen als Lavoisier. Ten tijde van Da Vinci was chemie nog gewone alchemie, maar dat belette hem niet te experimenteren. Voor zijn beroemde fresco, het Laatste Avondmaal, gebruikt hij nieuwe mengtechnieken en producten, die hem toelieten meer kleuren te gebruiken en langer veranderingen aan te brengen dan  bij de klassieke frescotechniek.

De evolutie van de chemie heeft zowat alle kunstvormen en uitingen van esthetica diepgaand beïnvloed, soms subtiel, soms doorslaggevend.

Chemie reikt technieken aan, heft beperkingen op, conserveert, opent nieuwe deuren… Maar niet alleen in de kunstwereld, in de bouwsector, de auto-industrie, de geneeskunde, de communicatiewereld… opent de ontdekking van nieuwe materialen en vooral composietmaterialen tal van toekomstgerichte mogelijkheden. Chemie kleurt je omgeving, vult de beautycase, verhoogt de sportieve prestaties.


Vanaf het derde jaar komt het vak CHEMIE voor in de lessentabel, 1 of 2 uur in de week. Geleidelijk maak je er kennis met begrippen als mengsel en zuivere stof en daal je af in de abstracte wereld van het molecuul en de atoom. De eigenschappen en interacties tussen de verschillende stofklassen worden niet alleen theoretisch maar ook experimenteel onderzocht en besproken.

De concentrische opbouw van het leerplan bestaat erin dat  wat in de tweede graad de nodige onderbouw kreeg,  in de derde graad verder uitgediept en verwerkt kan worden. Leerlingen, die een wetenschappelijke richting volgen in de derde graad krijgen daarvoor 2 lesuren/week ter beschikking. De wiskundige richtingen hebben 1 uur chemie per week en in de andere richtingen wordt chemie geïntegreerd in het vak natuurwetenschappen.

De natuurwetenschappelijke methode weerspiegelt zich in het vak chemie onder de vorm van een kritische waarneming van feiten en gebeurtenissen. Waarneming leidt tot verwondering, tot het formuleren van een hypothese en het achteraf toetsen ervan, tot het vinden van een verklaring of wetmatigheid. Geleidelijk aan evolueert dit van onderzoekend leren tot leren onderzoeken, tot de uitdaging om deze studie verder te zetten in het hoger onderwijs.

The world of science is my game, and Albert Einstein is my game. De wetenschappers van de toekomst treden in beroemde voetsporen en ontdekken de chemie van het leven, de chemie van de liefde, de chemie van vroeger en van de volgende decennia …

Waarom Duits?

"Chinees Ieren is een rage en Spaans ligt nog steeds goed in de markt als vreemde taal die Vlamingen willen leren. Ons bedrijfsleven drijft echter nog voornamelijk handel met de buurlanden én het zuiden van het land. Je hebt op de arbeidsmarkt vooral Frans, Engels en Duits nodig."

Dat is kort samengevat wat Prof. Clijsters, directeur van het Centrum Taaldidactiek en Toegepaste Linguïstiek aan het Limburgs Universitair Centrum (LUC) in een artikel in Jobat van 7 januari 2006 op basis van een aantal studies stelt. 

We citeren:

"We onderzoeken al jaren de behoeftes aan talenkennis in het bedrijfsleven en daarin zit nauwelijks evolutie. We vroegen Vlaamse bedrijven echter wel welk percentage van hun omzet zij halen bij anderstalige klanten. Zij vernoemen veruit het vaakst het Frans, meteen ook de taal waar zich de meeste problemen stellen. Verder blijft er een schrijnend tekort aan mensen die het Duits goed onder de knie hebben. Vaak kiest men na Engels en Frans voor Spaans, tegen alle economische logica in. Het Duits heeft het imago moeilijk te zijn. Wie deze taal echter goed beheerst, bezorgt zichzelf een duidelijk voordeel op de arbeidsmarkt. "

"Een viertal studies uit de voorbije jaren leerde de professor ondermeer dat liefst 60 percent van de bevraagde bedrijven klaagt over de schrijfvaardigheden van medewerkers in het Duits, de helft over de schrijfvaardigheid in het Frans en 40 percent over de spreekvaardigheid in die taal. Sectoren die fel met deze problemen kampen, zijn onder meer logistiek, transport en toerisme. " 

Zou er dan toch nog een uitdaging zijn voor het Duits in het onderwijs?

Waarom Duits leren?

"En ik dacht altijd: Ik ga toch niks met Duits doen" 

Overal ter wereld wordt Engels gesproken. Goed Engels, krakkemikkig Engels of iets tussenin. Ook Duitsers Ieren meer Engels dan ooit te voren. Waarom zou je dus nog een vreemde taal Ieren? Waarom is Engels niet genoeg? Hier vind je het antwoord op al die vragen...

10 redenen om Duits te leren

1. Een belangrijke taal in Europa: de meest gesproken moedertaal in Europa

Wie Duits spreekt kan gemakkelijk met ongeveer 100 miljoen mensen communiceren in hun eigen taal, aangezien Duits niet alleen in Duitsland gesproken wordt maar ook in Oostenrijk, een groot deel van Zwitserland, Liechtenstein en Luxemburg alsook in kleine delen van Noord-Italië, Oost-België en Oost-Frankrijk. Samen met het Russisch is het Duits de meest gesproken moedertaal in Europa en staat ze in de top-10 van de meest gesproken talen ter wereld.

2. Ervaar het succes

Zeker voor ons, Vlamingen, is Duits echt niet zo moeilijk. Zonder één les Duits weet een Vlaming al wat "Ich wohne in Amsterdam" of "Ich bin 14" betekent. Veel Nederlandse en Duitse woorden lijken op elkaar. Echt goed Duits spreken kost natuurlijk nog wel wat inspanning, maar je kunt als Vlaming vrij snel goed Duits leren. Het lijkt vaak moeilijker dan bijvoorbeeld Engels, maar dat hoor je dan ook voortdurend om je heen. Duits leren is niet moeilijker dan Engels, Frans of Spaans leren. Dankzij moderne en communicatieve onderwijsmethodes is het mogelijk een hoog niveau te bereiken in communicatieve vaardigheid op zeer korte tijd.

3. Originele teksten lezen

Wie geïnteresseerd is in literatuur, kan de Duitse taal niet negeren. Ieder jaar worden meer dan 60000 nieuwe boeken gepubliceerd in Duitsland, wat overeenkomt met 18% van de publicatie op wereldniveau. Dit maakt dat Duitsland de derde grootste boekenuitgever ter wereld is. Vertalingen kunnen nooit volledig de culturele diepgang weergeven van de Duitse literatuur.

4. Handel drijven met de Duitsers

Duitsland is de belangrijkste handelspartner van Belgiëë en van de meeste Europese landen. Duits kunnen spreken verbetert de economische relaties met de derde grootste industriëële natie en een van de belangrijkste exporterende landen ter wereld. Duits kennen is een groot voordeel in de handel, want onderhandelingen in een derde taal kunnen gemakkelijk tot misverstanden leiden met alle gevolgen vandien.

5. Voordeel op de arbeidsmarkt

De kennis van het Duits vergroot je kansen op de arbeidsmarkt. Veel Duitse ondernemingen in het buitenland, veel buitenlandse ondernemingen in Duitsland en de handelsrelaties met de Duitstalige landen proberen werknemers aan te werven die meertalig zijn. Binnen de Europese Unie kunnen niet alleen specialisten, maar ook de studenten en deskundigen met kennis van het Duits, vele interessante trainingen, werk- en studiemogelijkheden vinden.

6. Toeristische voordelen

In veel landen komt het grootste deel van de toeristen uit Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland. Duits kennen is dus een groot voordeel voor de vele mensen die werken in de toeristische sector.

7. Het Duits bereidt je voor op Europa

De kennis van vreemde talen vergroot je horizonten, zowel intellectuele als professionele. Wie Duits leert, krijgt toegang tot een belangrijk intellectueel, economisch en cultuur-historisch deel van Centraal Europa.

8. Wetenschappelijke vooruitgang

Duits is heel belangrijk voor deskundigen en studenten omdat het de tweede taal is van de wetenschappelijke publicaties. Als je Duits kunt lezen heb je toegang tot de wereld van wetenschappelijk onderzoek in alle takken van de moderne wetenschap. Dit verklaart waarom 40% van de deskundigen in de VS zijn eigen studenten aanraadt Duits te Ieren. In Polen en Hongarije is dat meer dan 70%.

9. Je beleeft Duitsland intenser

Ieder jaar bezoeken miljoenen toeristen van over de hele wereld Duitsland dat zich in het 'hartje van Europa' bevindt. Duits verstaan en spreken betekent beter de Duitsers leren kennen en een helderder beeld krijgen van hun geschiedenis en cultuur.

10. Duits, tussen taal en cultuur

Duits kennen geeft je toegang tot de bakermat van een van de grootste culturen van Europa, aangezien het Duits de taal is van Goethe, Nietzsche en Kafka, Mozart, Bach en Beethoven, Freud en Einstein.

Een waaier van mogelijkheden

Wie economie studeert:

leert de actualiteit volgen

leert vele aspecten van het dagelijkse leven beter begrijpen (loonberekening, soorten leningen en beleggingen)

krijgt inzicht in het bedrijfsleven

leert wetgeving kennen en beter begrijpen

wordt goed voorbereid op verdere studies, want in ongeveer driekwart van de richtingen in het hoger onderwijs staat een vak als economie of bedrijfsbeheer op het programma, of het nu gaat om de richting bouw, vertaalkunde of ingenieurswetenschappen ... 

Daarnaast bestaat er in het Hoger Onderwijs een uitgebreid gamma economische richtingen op alle niveaus, zoals accountancy, marketing, bestuurskunde, economische wetenschappen, handelsingenieur, ... Al deze richtingen bieden veel kansen op een baan, zowel in het bedrijfsleven, de nonprofitsector als bij de overheid

De lessen economie worden geactualiseerd aan de hand van kranten- en tijdschriftenartikels. De leerlingen zoeken recente gegevens op het internet en leren deze gegevens verwerken in tabellen en grafieken met Excel. Tijdens de lessen worden deze gegevens geanalyseerd en kritisch besproken. 

In elk leerjaar is er een studie-uitstap ter kennismaking met het bedrijfsleven en de economische realiteit.

In ieder jaar worden bepaalde thema’s begeleid zelfstandig verwerkt. Daarnaast zijn er ook een aantal onderzoeksopdrachten om de leerplandoelstellingen i.v.m. de onderzoekscompetenties te bereiken. Dit is ook een goede voorbereiding op het hoger onderwijs.